VZ Toen we de toeristische visie behandelden hebben we al uitgesproken wat wij van het kamperen bij de boer vinden. Ook op onze website www.terschelling.vvd.nl hebben we laten weten hoe wij tegen deze manier van herinrichting van het landschap aan kijken.

Ik noem herinrichting, want dat is wat er gebeurt. Natuur en landschap, beide een Selling Point voor ons eiland gaan we met het voorstel zoals dat er nu ligt opnieuw definiëren.

We gaan campings maken in het open polderlandschap. en daarmee breken met beleid dat in de afgelopen 20 30 jaar dit open landschap in stand heeft gehouden.

Ik toon u daarbij enkele illustraties:

in de eerste illustratie die willekeurig gebaseerd is op één van de lokaties genoemd in het voorstel van het college, zien we een open polderlandschap omzoomd met dijk duinen, bosrand en een buurtschap. (gebruik de scrollbar van uw browser om  van links naar rechts te kijken)

Halfweg open
 

Hafweeg camping 

In de tweede illustratie zien we datzelfde open landschap en de situatie zoals die zou ontstaan met een boerencamping.

Het 'eigene' van het eiland wordt geweld aan gedaan en we moeten ons afvragen of dit wat hier nu ligt wel het beste is voor Terschelling.

WAT is goed voor het EILAND...  collega raadsleden, dat is de vraag die wij ons moeten stellen.

We zien aan de ontwikkeling van het Kamperen bij de boer op Texel dat er een expansiedrang zal ontstaan, 10 tenten is ook niet rendabel te maken heeft hun eigen standsorganisatie berekend,

Daarnaast is het niet te verkopen dat een kleine camping die buiten het concentratiegebied ligt nu al jaren te horen krijgt dat ie niet mag uitbreiden liever nog moet verhuizen, en de buurman boer zou plotseling wél een camping mogen beginnen.

Het is goed voor te stellen dat je dan alle vertrouwen in de overheid laat varen, en ik daag hierbij de fracties van de raad uit om een steekhoudende onderbouwing te geven van deze merkwaardige tegenstelling.

 

 

 

In de raadsvergadering van  24 juli hebben wij hierover nog het volgendeover gezegd :

 

Kamperen bij de boer. Risico en Winst?

Vz. Wij willen ons niet bemoeien met de bedrijfsvoering van de boeren en de keuze voor het al dan niet starten van een boerencamping met 5 of 10 plaatsen geheel aan de boer zelf over laten. Deze raad moet zich niet uitspreken over de rentabiliteit van deze uitbreiding van het boerenbedrijf, en het risico voor het niet halen van het break-even punt aan de boer laten.

Wel vinden wij het belangrijk om op te merken dat bij een marginale exploitatie van de boerencamping de bereidheid om te investeren in hoogwaardige voorzieningen zoals veiligheid en sanitair niet groot zal zijn. We lopen dan het risico dat in de sfeer van controle en handhaving extra moeite gedaan moet worden om veiligheid en welzijn van onze toeristen te garanderen.

Op de risico's voor het landschap zijn wij in de commissie al uitvoering ingegaan, de twee willekeurig geschetste situaties laten aan duidelijkheid niets te wensen over, met deze beslissing accepteren we dat het aantrekkelijke open polderlandschap verloren gaat door verrommeling met niet omzoomde campings achter agrarische bedrijven.

Ook hebben we al eerder aangegeven dat we best mee willen werken met het alternatief: “logeren bij de boer” dit is een variant die boeren wel de mogelijkheden voor verbreding biedt en tegelijkertijd het landschap niet aantast. Wij willen deze variant toch nog eens nadrukkelijk aan de orde stellen omdat het nu lijkt of er nog maar één doel is in de wereld: een doel dat kamperen bij de boer heet.

In het bestemmingsplan buitengebied wordt gesproken over de mogelijkheid ruimte binnen de woning te bestemmen voor recreatieve verhuur, wij willen best meedenken en werken aan een oplossing voor boeren om dit ook binnen hun bedrijfsgebouwen te realiseren.

In de commissie heb ik de fracties gevraagd zich uit te spreken hoe zij de vraag “En hoe zit het dan met de kleine campings” willen beantwoorden. Moeten zij maar accepteren dat er voor boerencampings opeens andere normen gaan gelden dan voor hun mincamping altijd hebben gegolden? Ik heb daar van geen van de fracties een antwoord op gehad, dhr de Jong gaf desgevraagd aan er nog over na te moeten denken. Ik hoop dat u inmiddels een standpunt hierover hebt bepaald.

Als we dan toch zo makkelijk afstappen van de concentratiegedachte die we in de afgelopen dertig jaren hebben aangehangen dan stel ik voor om ook de campings die nu buiten het concentratiegebied vallen dezelfde uitbreidingsmogelijkheden te geven als we nu met dit voorstel aan de boeren toestaan. Gelijke monniken gelijke kappen, er wordt weliswaar betoogt dat het verschillende segmenten van de markt zijn die bediend worden door respectievelijk boerencampings en reguliere campings, echter het gelijkheidsbeginsel dat de ene ondernemer dezelfde rechten krijgt om uit te breiden als de andere ondernemer vinden wij belangrijk.

In de de commissie is gesproken over een beperking van de tentgrootte en het aantal van 4 kampeerders per tent. Dit komt in het raadsvoorstel niet terug, wij zouden voorstander zijn van een limitering om het genoemde risico van bijvoorbeeld 10 legertenten met 20slaapplaatsen elk te voorkomen.

Met de boerenbedrijf gaat het steeds beter, de kranten staan vol met positief nieuws over hogere melkprijzen en betere prijzen voor de akkerbouw door de toegenomen vraag naar bio-grondstoffen, tegelijkertijd heeft de Nederlandse campingsector een slecht seizoen en lijdt zij onder de goedkope zon-vakanties aan de Turkse Rivièra en de Costa's. de vraag is wie helpen we nu eigenlijk en waarom doen we dat.