Toeristische Visie

tekst van de VVD fractie voor de behandeling van de visie in de Raadscommissie  van 10 oktober

De toeristische visie is een degelijk rapport waarin alle aspecten van het toerisme belicht worden, afwegingen gemaakt worden en keuzes toegelicht. Dit alles ineen context van heden en verleden, van gemeente en provincie en van de vele belangengroeperingen. Hiervoor dus lof, goed werk, hier kunnen we wat mee.

Een punt waar onze fractie het vooralsnog niet mee eens is is het voorstel om op beperkte schaal kamperen bij de boer toe te staan. Wij vinden dit principieel oneerlijk jegens anderen die ook wel iets bij willen verdienen, laat het dan helemaal vrij en sta ieder toe om een mini-camping te beginnen. Maar dat is toch wat erg liberaal en in dit volle land met schaarse ruimte niet een houdbaar standpunt. Wij hebben wat dat betreft onze vraagtekens bij de inpasbaarheid van het kamperen in het landschap. Wij hebben evenwel oog voor de behoeften van de boerenstand waar soms met marginale resultaten het bedrijf in stand gehouden word. Als je dan doorrekent wat de consequenties zijn van investeringen die de boer moet doen en dat uitgezet tegen de opbrengst dan kom je 'alleen in de meest gunstige' situatie op een geringe verdienste van enkele duizenden euro op jaarbasis.

Een beter alternatief zou zijn om ruimte te bieden logiesmogelijkheden te scheppen binnen de woon en bedrijfsgebouwen van de boer. We gaan dan van kamperen bij de boer naar logeren bij de boer. Het boeren moet dan wel blijven bestaan, we willen niet naar een situatie dat boeren overschakelen naar grootschalige appartementenverhuur en stoppen met boeren.

Anders dan kamperen bij de boer is het rendement van logeren bij de boer veel hoger door de seizoensverbreding, we doen de kwaliteit van het landschap geen geweld aan, en we romen niet de rendementen van de bestaande campings af.

 

Campings krijgen de mogelijkheid om uit te breiden en kwalitatief te verbeteren. Dat dit aan een bovengrens gekoppeld is van 11Ha is logisch, de schaarse grond moet immers verdeeld worden. Het spel tussen de verdeling van landbouw en kampeerterrein binnen die 11Ha is een zaak van de markt.

 

Wij kunnen ons helemaal vinden in het voorstel om iedere Terschellinger binnen zijn woning toe te staan om B&B aan te bieden. Ieder die dat wil mag wat aan het toerisme verdienen. Wel vinden wij dat er een minimale oppervlakte kwalitatief bewoonbaar deel moet overblijven voor de bewoners. Het idee van eilander kinderen die de zomer in het kippenhok moeten doorbrengen omdat het huis verhuurd wordt zien wij niet zitten.

 

Het beleid met betrekking tot het vervoer ondersteunen wij, inzetten op fiets als vervoermiddel is prima. Wij vinden wel dat de groep toeristen die met gezin en uitrusting in een afgeladen auto naar de camping wil rijden (fietsen achterop!) niet belemmerd moet worden door hoge bootprijzen of andere beperkingen. Het lijkt ons heel legitiem om niet gedwongen te worden je uitrusting met de beurtschipper of vrachtrijder mee te hoeven sturen als je een vakantie lang wilt kamperen.

Met betrekking tot het voorgestelde beleid netwerken aan te leggen voor fietspaden zien wij een conflict met SBB die niet voorstander is van een fietspad door de Koegelwieck. Dat is jammer want dat is de enige plek waar je niet langs drie hoofdassen van oost naar west kunt fietsen. Valt hier nog over te praten met SBB?

 

Het bieden van de mogelijkheid van een golfbaan lijkt ons een bijzonder goed plan. Niet alleen vanwege de directe aantrekkingskracht. Golfers reizen stad en land af op zoek naar nieuwe uitdagende banen. Een baan op Terschellinger levert dus een grote hoeveelheid 'nieuwe bezoekers' aan met als nevenproduct een goede reclame. Golf plus de Spin-Off is positief voor ons eiland.

 

Hoofdstuk 9 gaat over de prioriteiten. Het duale uitgangspunt is een goede opzet. Echter, het programma van uitgangspunten mag wat ons betreft best concreter en daarmee ambitieuzer. Met deze, af en toe wat generieke beschrijvingen, kunnen wij als raad niet makkelijk onze controlerende rol uitvoeren. Wij zouden het college willen uitnodigen om het programma van uitgangspunten te herdefiniëren naar heldere doelen die toetsbaar zijn, en daar ook een tijdspad aan verbinden.